Wat kunnen vrouwelijke filosofen leren aan de vrouw in 2020?

Een interview met redactieraadleden Annemie Halsema en Karen Vintges over Vrouwelijke filosofen in V.V.A.O., magazine voor vrouwen met een hogere opleiding.

Tekst: Aletta Blaisse en Ine van Emmerik

Begin dit jaar verscheen bij uitgeverij atlas de dikke bundel ‘Vrouwelijke filosofen. Een historisch overzicht’. Voorafgegaan door heldere inleidingen worden in 67 lemma’s invloedrijke vrouwelijke denkers van de oudheid tot nu op een inzichtelijke en inspirerende manier beschreven. Zij zijn niet alleen afkomstig uit de westerse wereld, maar bijvoorbeeld ook uit afrika, india of China. het boek wil hiermee het gedachtegoed van vrouwelijke denkers dat veelal onzichtbaar bleef, zichtbaar maken. Het is samengesteld door de filosofes Carolien Ceton, Ineke van der Burg, Annemie Halsema, Veronica Vasterling en Karen Vintges.

Het denken van de vrouwen uit deze bundel is van alle tijden, de thema’s blijken nog steeds actueel. Hun ideeën en levenswijze zijn vaak praktischer dan bij mannen. Wat kunnen deze vrouwen leren aan vrouwen van 2020? Aletta Blaisse en Ine van Emmerik gingen hierover in gesprek met twee van de samenstellers, Annemie Halsema (faculteit Wijsbegeerte, VU) en Karen Vintges (afdeling Wijsbegeerte, UvA). Een gesprek over het ontstaan van het boek en de keuzes die daaraan ten grondslag liggen ging haast vanzelf over in een gesprek over de hedendaagse positie van vrouwen, in de wetenschap en daarbuiten.

Hoe is dit boek ontstaan, wat is de achterliggende filosofie?

Annemie: ‘Het initiatief kwam van Monica Soeting van uitgeverij Atlas. Zij is zeer geïnteresseerd in vrouwen in de filosofie en wilde laten zien dat er wel degelijk vrouwelijke filosofen zijn. Als redacteurs zijn wij al jarenlang collega’s in de wijsbegeerte, bij verschillende universiteiten. Wij ontmoeten elkaar regelmatig en bespreken elkaars proefschriften, werk en artikelen. We zijn van de feministische generatie. Hoofdredacteur Carolien Ceton, is als filosofe recenter afgestudeerd. Zij heeft alle versies van de lemma’s met de auteurs doorgenomen, en met bewonderingswaardige scherpe pen en veel humor de coherentie bewaakt. Het hele project heeft een looptijd gehad van 7 jaar, we zijn vaak voor besprekingen bij elkaar geweest. We hebben een subsidie van de SNS bank en van het Prins Bernhardfonds weten te verkrijgen om de hoofdredacteur te kunnen betalen. Via onze eigen netwerken hebben we specialisten en adviseurs gezocht, zij schreven lemma’s of een periodeoverzicht en gaven advies.’

Wat bepaalde de keuze voor de filosofes die werden opgenomen?
‘Het was belangrijk dat we tijdslijnen aangaven. De inleidingen in het boek geven per periode overzicht van de geschiedenis van de filosofie, de vrouwen worden geplaatst in de context van hun tijd. En soms hebben we ook pragmatische afwegingen gemaakt. Voor de 20e eeuw is bijvoorbeeld gekozen voor vrouwen die zijn geboren vóór 1950.’ Karen: ‘We hebben nadrukkelijk ook gekozen voor aandacht voor niet-westerse filosofie. We maken door de mondialisering een belangrijke ontwikkeling door, de filosofie moet daarop inspelen, ingrijpend veranderen en haar eigen eurocentrisme doorbreken. Op deze manier willen we de canon twee keer doorbreken: door vrouwen aan het woord te laten, en door aandacht voor filosofie uit andere werelddelen.’

Annemie: ‘De stukken over de Afrikaanse filosofes Sohe Oluwole en Weerewere Liking bijvoorbeeld hebben me echt geraakt: je ziet een andere stijl van filosoferen, van omgaan met taalkwesties en identiteitsvragen, andere antwoorden op de vraag: wat is filosofie?’

Karen: ‘De Aziatische filosofie laat een heel ander mensenrechtendiscours zien, waar een eigen vertoog is opgebouwd dat gaat over plichten, in plaats van rechten alleen. We moeten veel meer toe naar mutual learning en het loslaten van Westers superioriteitsdenken.’ De gekozen filosofes hebben veelal een nietacademische achtergrond, omdat het voor hen als vrouwen onmogelijk was om een opleiding te volgen. Daarnaast hebben zij vaak ook een andere stijl van schrijven, publiceerden zij niet traditioneel-academische geschriften. Om onze keuze af te bakenen was onze vraag: is er door deze vrouw een bijdrage geleverd aan de grondslagen van het denken? Of zij invloed heeft gehad is terug te vinden in secundaire bronnen. Ook de invalshoek van de filosofes was vaak anders dan de traditionele: het dagelijks leven vormde een belangrijke bron en voertuig voor hun denken. Zoals de pre-socratici dat ook deden: philosophy as a way of life. Ze moesten wel, maar het drong zich ook vaak op als thema. Deze vrouwelijke filosofes ontwikkelden hun eigen strategie, ze zochten en schiepen een eigen terrein, tussen en vaak ook tegen de bestaande patronen in. Wat ook opvalt is dat het helemaal niet de blauwkousen waren waar intellectuele vrouwen vaak voor worden gehouden.

Annemie:’Er is sprake van een groot accent op lichamelijkheid, seksualiteit en liefde. Zo verbinden de Middeleeuwse mystica’s bijvoorbeeld seksualiteit en transcendentie. In de Oudheid zien we dat vrouwelijke denkers vaak in de rol van hetaere (courtisane) worden afgeschilderd.’ Interessant is ook dat veel vrouwelijke denkers een groot politiek engagement kennen en een gerichtheid op de alledaagse praktijk. Karen: ‘Dat aspect vinden wij als redactie heel actueel, ook als contrast met de klassieke canon. De filosofes pakken vaker thema’s aan met een brede actuele relevantie, zoals oorlog en vrede.’ Zij bladert enthousiast door het boek: ‘Als je alleen al ziet in de 19e eeuw: die vrouwen waren werkelijk kanjers, neem Bertha van Suttner bijvoorbeeld. Haar werk aan het ontwerp van een vreedzamere maatschappij leidde ertoe dat zij in 1903 als eerste vrouw de Nobelprijs voor de vrede ontving.’


Het lijkt of dit boek precies aansluit bij een tijdsgeest, er is veel belangstelling voor vrouwen op allerlei terreinen, hoe zien jullie dat?

Annemie: ‘Het thema hangt in de lucht, dat is voor ons ook te zien in de respons die we krijgen op dit boek. Daaruit is nu onder andere het initiatief ontstaan voor een Nederlandse afdeling van het netwerk Society of Women in Philosophy.’ Annemie heeft een lijstje gemaakt met vrouwelijke medewerkers van de faculteiten wijsbegeerte in Nederland, daar word je niet vrolijk van, slechts 20% is vrouw.’

Hoe komt het dat we zo weinig vrouwen zien in de hogere regionen van de universiteit?

Karen: ‘Het old boys network is in vele takken van wetenschap nog in tact. Filosofie, theologie en geschiedenis bijvoorbeeld zijn van oudsher echte mannenbolwerken in Nederland. In deze studies is geen sprake van objectieve waarheidscriteria: wat waar is, hangt af van degene die het zegt. Daarin is het voor vrouwen moeilijker om ertussen te komen. Maar daarbij hebben we nu ook nog te maken met een maatschappelijke verharding op allerlei fronten. Ook aan de universiteiten is de concurrentie steeds scherper aan het worden. Toch lijkt er weer een soort tegenstroom op gang te komen met betrekking tot vrouwenzaken. Tegenwoordig komen er weer studentes naar mij toe met de vraag waarom er doorgaans alleen mannelijke denkers ‘behandeld’ worden en waarom zij zich ook zelf meestal op mannelijke denkers en voorbeelden oriënteren.’

Annemie: ‘Er zijn wel vrouwen werkzaam aan de universiteiten natuurlijk, maar vooral in de lagere geledingen. In hogere posities zie je aan onze faculteit haast geen vrouwen en al helemaal geen hoogleraren.’

Wat kunnen vrouwen zelf doen?

Beiden: ‘Lobbyen, vrouwen steunen bij sollicitaties en in commissies.’

Op de universiteit word je als vanzelf feministisch, omdat het een mannenbolwerk is. Daar loopt bijna iedere vrouw die hogerop wil tegenaan. De vrouwen in het boek stellen zich teweer tegen het feit dat ze niet serieus genomen worden. Vrouwen worden vanzelf feministischer als de omstandigheden voor vrouwen ongunstig zijn.

Annemie: ‘Ik besteed bewust meer aandacht aan man-vrouw verhoudingen bij het geven van de inleidende vakken. Ik geef nu een vak sportfilosofie, daar zie je zo vaak dat vrouwelijke sporters op een vervelende manier worden geassocieerd met seksualiteit.’

Karen: ‘Ik ga weer een collegereeks geven over het werk van Simone de Beauvoir op verzoek van de studenten. Seksisme is alomtegenwoordig op TV en om ons heen. De politieke correctheid die we een tijdje hadden in de jaren’80 en’90, was een klein vernisje, er is mijns inziens al een tijdje sprake van een terugval.’

Annemie: ‘Vrouwen moeten weer vechten voor alles. Het is heel moeilijk om traditionele patronen te doorbreken. Bij sollicitaties is tweederde deel man en eenderde deel vrouw en in de sollicitatiecommissie zit maar een vrouw. Bij de laatste vier sollicitaties die ik meemaakte kwamen er alleen mannen uit de bus. Met veel moeite heb ik er een vrouw tussen kunnen krijgen. Dit ligt ook aan vrouwen zelf. Die denken veel eerder: kan ik dit wel? Ben ik wel goed genoeg? Mannen gaan er meer vanuit dat ze het wel kunnen. Bij promoties en onderzoeken ligt dit ook zo: mannen gaan de hele wereld over en publiceren veel. Mannen durven graag de uitdaging aan. Vrouwen zijn wat terughoudender, die hebben een realistischer inschatting van hun mogelijkheden.’

Advertenties

2 Reacties op “Wat kunnen vrouwelijke filosofen leren aan de vrouw in 2020?

  1. Zie dat je ons interview met Annemie en Karen hebt doorgeplaatst. Leuk.Hoe meer bekendheid voor dit mooie boek, hoe beter!
    Hartelijke groet, Ine van Emmerik

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s